Navigatie overslaan
Vrijwilligerspunt Home
  • Alkmaar
  • Voor bedrijven
  • Voor jongeren
Account aanmakenLog in

Contact

  • Maelsonstraat 12, 1624 NP Hoorn, Nederland
  • [email protected]
  • 0229-216499, WhatsApp: 06-10533987

Vrijwilligerspunt

  • Vacaturebank
  • Hulp Dichtbij
  • Trainingen & Workshops
  • Taalhuis
  • Voor jongeren
  • ANBI status

Doe mee

  • Activiteiten
  • Zoek Organisaties
  • Organisatie toevoegen
  • Account aanmaken
  • Log in
  • Help
  • Content policy
  • Privacyverklaring
  • Algemene Voorwaarden
  • Toegankelijkheidsverklaring
  • Cookies

Powered by Deedmob tools
Door op "Accepteren" te klikken, gaat u akkoord met het opslaan van cookies op uw apparaat om de sitenavigatie te verbeteren en het sitegebruik te analyseren. Voor meer informatie, bekijk onze Privacyverklaring.

Post | april 2021 | Doe es gewoon vrijwillig | 2 min lezen

Fred bestuurde de dierenambulance

Zwaan met een gebroken vleugel? Zwerfkatjes op de parkeerplaats? Gewonde hond langs de autoweg? De Dierenambulance Hoorn e.o. gaat erop af! Een team van ruim dertig vrijwilligers is paraat om dieren te helpen. Voorzitter Fred Perrier: ‘Eigenlijk is iedereen geschikt om op de dierenambulance te werken. Als je maar van dieren houdt, en je wat wilt leren.’


Note van de redactie: Fred Perrier is inmiddels geen voorzitter meer


Twee dierenambulances scheuren dag en nacht, zeven dagen per week, door West-Friesland om dieren te helpen. Gewonde dieren, zwerfdieren, dieren die naar de dierenarts moeten en soms ook dode dieren: de dierenambulance is er voor ze allemaal. ‘Gelukkig hebben we die twee ambulances in bruikleen gekregen van Stichting Dierenlot, want die dingen zijn peperduur. Voor de rest draait onze organisatie uitsluitend op vrijwilligers. We zijn afhankelijk van donaties en giften.’


De hort op

Het voorjaar hangt in de lucht en dat is voor Fred en andere vrijwilligers een drukke tijd. ‘Helaas hebben we veel verkeersslachtoffers, negen van de tien keer katten. In het voorjaar gaan ongecastreerde katers en ongesteriliseerde poezen de hort op, de liefde achterna. Ze gaan verder van huis en ze zijn onvoorzichtig, ze hebben alleen maar oog voor elkaar. Dat loopt vaak niet goed af. Het ophalen van aangereden dieren is een minder prettige kant van ons werk, waar nieuwe vrijwilligers aan moeten wennen. Ook voor mij, en ik werk nu veertien jaar op de ambulance, kan het nog lastig zijn. Gelukkig zitten we altijd met z’n tweeën op een ambulance, dus je kunt elkaar steunen en er met elkaar over praten, zodat je niet met een rotgevoel naar huis gaat.’


Kale vogel

Alles fladdert en bloeit, en Fred staat soms met de meest vreemde kale vogeltjes in zijn handen. ‘Kleine vogeltjes vallen uit het nest, soms worden ze uit het nest gegooid. Die brengen we snel naar de Bonte Piet, waar ze er alles aan doen om ze in leven te houden. Regelmatig hebben we meerkoeten in de wagen, en zelfs voor de zoveelste meerkoet spannen ze zich in bij de Bonte Piet.’


Vechtende zwanen

Wat de raarste dieren zijn die hij wel eens heeft opgehaald? ‘Dat wordt altijd gevraagd als we een presentatie geven op school. Een grote leguaan, dat was toch wel bijzonder. En laatst moesten we ergens een kleinere hagedis ophalen, uit India. Een paar keer moesten we een slang vangen. Maar ook vechtende zwanen uit elkaar halen is indrukwekkend. Zwanen hebben vaste broedplekken, als er dan vreemde zwanen in hun territorium komen, worden dat heftige gevechten. Daar moeten wij dan tussen springen, om de indringers naar een andere plek te brengen. Best lastig: welke zwanen horen bij elkaar?’


Collega’s gezocht

Werken op de dierenambulance is spannend en dankbaar werk. Fred zoekt nieuwe collega’s, die zich willen inzetten voor dieren die hulp nodig hebben. ‘Iedereen die een redelijke conditie heeft, nieuwe dingen wil leren en van dieren houdt, is van harte welkom. De fijne kneepjes leer je terwijl je hier werkt, inzet en enthousiasme zijn het belangrijkste.’

Iets voor jou? Ook ‘es gewoon vrijwillig doen’, bijvoorbeeld als vrijwilliger Dierenambulance? Neem contact op met Vrijwilligerspunt Westfriesland via [email protected] of bel 0229-216499.


 

Deel blogpost
Gerelateerde blogposts

Vrijwilligerswerk is een ontdekkingstocht

| Doe es gewoon vrijwillig

Maandagochtend, begin februari. Het is waterkoud bij In de Familietuin in Zwaagdijk-Oost. Het weerhoudt een groep oudere mannen niet om stevig aan het werk te gaan met hark en kruiwagen. Henk, Wil en twee keer Cor zijn er bijna iedere week. “Samen iets moois maken, lekker in groepsverband werken, dat geeft energie,” zegt begeleider Thomas Goedhart (26), vrijwilliger én sinds kort betaald medewerker bij In de Familietuin. Hij ondersteunt er mensen tijdens de dagbesteding, voornamelijk mensen met dementie en mensen met niet-aangeboren hersenletsel. Redacteur: Paul Luiken, NHD Foto: Jan Mulder, NHD Thomas begon hier anderhalf jaar geleden als vrijwilliger. “Ik kende iemand die hier al vrijwilliger was,” vertelt hij. “Toen ben ik een keer mee gaan kijken wat ze allemaal deden. En eigenlijk was ik gelijk enthousiast. Hier komt alles een beetje samen: ik kom uit Zwaagdijk-West en vind het heerlijk om buiten te zijn. Mijn hobby’s zijn vooral tuinieren, wandelen, fietsen en sporten, dus dat past prima.” Verschillen “Ik werk vooral mensen met dementie en mensen met niet-aangeboren hersenletsel,” legt hij uit. “Er zijn onderling best wat verschillen qua personen, maar de overeenkomst is dat ze allemaal echt nog wel wat willen doen. Zoals in de tuin werken.” Een zorgopleiding heeft Thomas niet. De route van zijn carrière kende wat omwegen. Na de mavo deed hij havo, zonder duidelijke richting. “Ik wist niet wat ik wilde,” zegt hij. Daarna werkte hij een tijd in de fruithandel in Zwaagdijk. “Maar eigenlijk wist ik het toen nog steeds niet.” Uiteindelijk ging hij op zoek naar een goede daginvulling. “En toen ben ik hier terechtgekomen.” Viooltjes planten Het idee om er zijn werk van te maken was er aanvankelijk niet. “Het was vooral fijn om eindelijk iets gevonden te hebben wat goed voelde.” In het begin richtte hij zich vooral op het tuinwerk. “Toen was ik echt alleen voor de tuin: onderhoud, plantjes opkweken, onkruid verwijderen.” Gaandeweg wilde hij meer. “Ik was enthousiast om samen met de mensen dingen te doen, zoals viooltjes planten. Zo ben ik steeds meer bij de mensen betrokken geraakt.” Werken met deze specifieke doelgroep vraagt aanpassingsvermogen. “Iedereen reageert anders,” zegt Thomas. “Iedereen zit in een andere fase van zijn ziekte. Dat kan soms lastig zijn. De een is best druk, de ander houdt daar niet van. Dan moet je uitvogelen hoe je ze met elkaar laat werken, dat hoort erbij.” Dementie De voortschrijdende aard van dementie merkt hij duidelijk. “In het begin kon je iemand nog een opdracht geven en ervan uitgaan dat die werd uitgevoerd. Nu moet je soms meer een-op-een begeleiden. Dat vraagt geduld en het vermogen om rustig te blijven. Als iemand boos wordt, moet je daar wel mee om kunnen gaan. Dan probeer ik zelf rustig te blijven en soms roep ik hulp erbij.” Toch ervaart Thomas de verantwoordelijkheid niet als zwaar. “Ik vind het juist leuk om verantwoordelijkheid te hebben. Inmiddels heeft hij de hoofdmoestuin onder zijn hoede. “Dat vind ik gewoon heel leuk. Je kan echt een beetje je eigen gang gaan.” Hoogtepunten zijn er genoeg. “Afgelopen zomer oogsten in de moestuin met de deelnemers, vond ik mooi. Het enthousiasme als iemand een hele grote wortel uit de grond haalt. Ook het bouwen aan en verbeteren van de tuin geeft voldoening. We hebben een terras aangelegd, de composthopen verbeterd en paadjes gemaakt. Dat soort dingen.” Zoekende Wat hij ziet bij nieuwe deelnemers? “Ze willen eigenlijk allemaal wel naar buiten. En ze zijn vaak snel op hun gemak.” Dat geldt ook voor hemzelf. Vijf jaar geleden had hij dit niet zien aankomen. “Ik was heel erg zoekende. Ik dacht altijd dat ik mijn eigen ding wilde doen en niet te veel met mensen. Dat beeld is veranderd. Nu vind ik het juist leuk om met mensen te werken.” Vrijwilligerswerk helpt Thomas heeft een duidelijk advies aan jongeren: “Weet je nog niet weten wat je later wilt worden? Doe vrijwilligerswerk. Serieus. Vrijwilligerswerk echt een hele mooie ontdekkingstocht. Je leert er heel veel in korte tijd.” Voor Thomas leidde die ontdekkingstocht tot meer dan dat. “Ik heb sinds kort een contract voor twee dagen per week. Daar ben ik ontzettend blij mee. Als het allemaal meezit is, zie ik hier nog wel een toekomst voor mij.”
Lees meer

Bloed, blaren en beha-bandjes, EHBO’ers Eline en Fred helpen iedereen

| Doe es gewoon vrijwillig

Bij Huttendorp of de kermis, een muziekfestival of de Dam tot Dam: EHBO’ers van het Rode Kruis, zoals Fred en Eline, zorgen ervoor dat iedereen geholpen kan worden bij groot en klein leed. Geen actie op de EHBO-post? Vrijwilliger Eline: “Dan is alles goed gegaan, maar voor ons is het wel een beetje saai.” Fred en Eline zitten vol spannende verhalen over hun vrijwilligerswerk als EHBO’er. Zoals Eline’s eerste echte inzet. “Er lag een man op de grond, onder het bloed, tanden uit z’n mond. Ojee, nu moet ik echt iets doen, dacht ik. Maar gelukkig wist ik hoe ik dat moest aanpakken.” Vrijwilligers bij het Rode Kruis krijgen natuurlijk een uitgebreide EHBO-cursus, voor Eline de reden om zich op te geven. “Die cursus is helemaal gratis en daar heb je de rest van je leven profijt van.” Daarna kun je allemaal aanvullende cursussen doen, vertelt ze. Bijvoorbeeld over drugs en drank, of een training om als hulpverlener op grote evenementen te worden ingezet. Leuke sfeer Bij grote evenementen moet de organisatie zorgen voor een bemande EHBO-post, dat is een voorwaarde voor de vergunning. Dus komen Eline en Fred op de gekste plekken: de Hoornse kermis of een voetbaltoernooi, Pinkpop of de marathon van Amsterdam, het kan van alles zijn. Huttendorp vindt Eline heel leuk, want “ik heb wel wat met kinderen”, zegt ze - ze volgt een opleiding om op een kinderdagverblijf te gaan werken. Fred geeft zich altijd op als er inzet wordt gevraagd bij grote sportevenementen, zoals de Dam tot Dam of de Egmond-Pier-Egmond. Leuke sfeer, zegt hij. En: “Bij fietsevenementen krijg je veel schaafwonden, een wandelevenement draait vooral om blarenzorg en bij een hardloopevenement krijgen we mensen met hartproblemen, oververhitting of juist onderkoeling.” Voor deelnemers niet iets om zich op te verheugen, maar Eline en Fred, en al hun collega-EHBO’ers, houden wel van een beetje actie op de EHBO-post. “Soms is het rustig. Fijn voor de organisatie, maar eerlijk gezegd wel een beetje saai voor ons”, zegt Eline. Pleister erop Alles en iedereen kan aankloppen bij de EHBO‘ers. Iemand die struikelt en een enkel verzwikt, een aspirientje tegen de hoofdpijn, of gewoon een rustige ruimte om moedermelk af te kolven; Fred en Eline hebben het allemaal meegemaakt. “We hebben niet alleen te maken met de deelnemers aan een evenement, maar ook met de toeschouwers”, zegt Eline. “Die kunnen ook hulp nodig hebben. Als iemand de EHBO-post binnenkomt, is dat vaak samen met vrienden of familie. Dat is handig voor ons. De omstanders kunnen vaak meer vertellen over een val of een struikelpartij. En als het slachtoffer zegt dat hij hooguit een paar biertjes heeft gedronken, maar z’n vriendin staat er hoofdschuddend naast, weten wij genoeg.” Fred herinnert zich een bijzondere hulpvraag: een mevrouw die een paar veiligheidsspelden nodig had. “Haar beha-bandje was geknapt. Ja hoor, dat hebben we ook. We zijn er toch om mensen te helpen?” Goed gedaan Soms is een pleister of een aspirientje niet genoeg, het kan ook om ernstig letsel gaan. “Eigenlijk zijn dat de mooiste momenten”, vertelt Fred. “Een reanimatie is bijvoorbeeld heftig om mee te maken. Wij horen niet altijd hoe het afloopt. Als mensen bijvoorbeeld met de ambulance mee gaan, krijg je achteraf geen terugkoppeling. Maar soms hoor ik het toevallig, zoals een tijdje geleden over iemand met een beroerte, die ik had geholpen. Van de ambulancebroeder hoorde ik dat die man het had gered en het goed maakte. Dat hebben we goed gedaan, zei hij. En dat geeft echt een goed gevoel.” Leerzaam Eline zou vooral jonge mensen adviseren om zich te melden bij het Rode Kruis als EBHO’er. Vanwege die gratis opleiding, natuurlijk. “Je moet dan een aantal uur als vrijwilliger meedraaien in ruil voor de opleiding, maar dat is alleen maar leuk en interessant. En je krijgt ook sociale skills. Ik kom via mijn werk in contact met verschillende mensen, zowel met m’n collega’s als de mensen die we helpen. Echt contact, niet digitaal. En dat is eigenlijk de leukste kant van dit werk.” Word noodhulpvrijwilliger Lijkt het je leuk om vrijwilliger te worden op een EHBO post? Of een andere rol in de noodhulp, zoals bij een reddingsbrigade of dierenambulance? Via deze link vind je een overzicht van alle vrijwilligersvacatures die daarin open staan.
Lees meer

Hannelore en Theo helpen burenruzies op te lossen

| Doe es gewoon vrijwillig

Eerst de spelregels: niet schelden, iemand anders laten uitpraten, respect voor elkaar. Als die regels zijn vastgesteld, gaan Hannelore en Theo van de Bemiddelingskamer met ruziënde buren in gesprek. Keiharde muziek midden in de nacht, takkentroep in de tuin, een stinkende barbecue: het komt allemaal voorbij. En altijd blijkt het echte probleem iets anders, merken de vrijwillige bemiddelaars. “Mensen onderschatten hoeveel impact een burenruzie heeft”, zegt bemiddelaar Theo. “Sommige conflicten duren jaren. Mensen liggen ervan wakker. Ze zeggen de buren geen gedag meer, proberen ze te vermijden. En mensen worden harder en onaardiger dan ze eigenlijk zijn.” Voor wie zo vastzit, is er de Bemiddelingskamer in o.a. Medemblik en Opmeer. Hannelore en Theo, of twee andere vrijwillige bemiddelaars, proberen het gesprek weer op gang te brengen en een oplossing te zoeken. “Ho ho, wij lossen zelf niks op”, waarschuwt Hannelore. “We zijn neutraal. We luisteren. We helpen buren om elkaar weer te horen. En soms is dat al genoeg: dat mensen elkaar aan het eind van het gesprek weer een hand geven.” Gesprek op neutraal terrein Soms werken Hannelore en Theo samen, soms met andere vrijwilligers. Als een aanvraag binnenkomt bij de Bemiddelingskamer, wordt gekeken wie er tijd heeft. “We werken wel altijd in tweetallen”, legt Theo uit. “Dat is praktisch: eentje kan het gesprek leiden, de andere kan observeren. Met z’n tweeën hoor en zie je meer.” Hannelore: “Eerst gaan we naar de buur die zich heeft gemeld, daarna stappen we op de tweede buur af. We luisteren naar hun probleem en vragen of ze ervoor open staan om met elkaar in gesprek te gaan. Dat gesprek voeren we op neutraal terrein, met ons als gespreksleiders. Als buren dat aandurven, is de eerste stap al genomen.” Verhaal op tafel Nieuwe vrijwilligers krijgen eerst een training bij de Bemiddelingskamer voordat ze erop uit gaan. Daar leren ze hoe je dit soort situaties aanpakt. Het is belangrijk om mensen de ruimte te geven voor hun emoties, vertelt Hannelore. “Mensen zitten helemaal vol, eerst moet de druk van de ketel. Ze gooien het hele verhaal op tafel. Dan pas kunnen we toekomen aan het onderliggende verhaal, wat zit er nou eigenlijk achter deze ruzie.” De bemiddelaars hanteren daarbij gespreksregels: niet schelden, respect voor elkaar en laat elkaar uitpraten. Theo: “Ik vraag soms ook: ‘hoor je wat de buurman zegt?’ Als mensen echt naar elkaar luisteren, kunnen we werken aan verbinding. Dan pas horen mensen hoeveel impact het heeft, een boze buurman die tierend op je stoep staat, muziek die je ’s nachts uit je slaap houdt.” Hannelore: “Andersom werkt het ook: de buurman heeft misschien een boze bui, maar is eigenlijk een vriendelijke vent. En die harde muziek duurt maar kort, de buren hebben het nodig om even naar dat ene nummer te luisteren na een vermoeiende werkdag.” Vraag het gewoon Het is niet altijd makkelijk om een oplossing te vinden. “Soms is een koptelefoon genoeg om geluidsoverlast op te lossen”, zegt Hannelore. “Maar soms zijn woningen heel gehorig en zijn de verschillen tussen de buren heel groot. Dan is communicatie en begrip het enige dat helpt. Ik merkte in een bemiddeling bijvoorbeeld dat iemand heel boos was omdat zijn buren een advocaat een brief hadden laten schrijven aan hem. ‘Vráág het gewoon’, zei hij, ‘dan is er niks aan de hand.’ En andere mensen dachten dat de buren vreselijke ruzie maakten, dat hoorden ze door de muren heen. De buurman legde uit: onze taal klinkt misschien hard en boos, maar ik hou van mijn vrouw en kinderen. Dat maakte een groot verschil.” Kunnen de buren afspraken maken? Dan zetten de bemiddelaars dat op papier. Daarna worden alle contactgegevens gewist. Theo: “Wij houden geen dossier bij, we hebben geen archief. Na zes weken nemen we nog even contact op om te horen hoe de stand van zaken is, maar we gaan niet twee of drie keer met mensen in gesprek.” Weg met ruzie Theo en Hannelore zijn enthousiast over hun vrijwilligerswerk voor de Bemiddelingskamer. “Ik hou niet eens van ruzie, kun je nagaan”, zegt Hannelore. “Daarom vind ik het prachtig dat ik op deze manier mensen met elkaar in gesprek kan brengen.” En Theo vindt elke bemiddeling weer een leerzame ervaring. “Ik ben altijd nieuwsgierig naar mensen. De gesprekken met de boze buren leren me ook veel over mezelf.” Word buurtbemiddelaar Lijkt deze vrijwilligersfunctie je iets voor jou? Ga naar de vacature op onze vacaturebank .
Lees meer